THE THIRD VOLCANO

The evening before we go to Furnas, the third volcano, I watch a documentary on Netflix about Woodstock ’99. Thirty years after the original version of Woodstock, in 1969, its creator and initiator Michael Lang wants to bring back to life the glory of yesteryear – of love, peace and music. He joined forces with a financier who saw potential in the idea and slowly they set up the entire festival: rock bands, an old military hangar as a location, stands for selling drinks and souvenirs, etc. etc. But in the run-up to the festival, interspersed in the documentary with interviews of those involved 20 years later, it becomes clear that Woodstock ’99 will have a very different character than Woodstock ’69. It is characterised by naivety and greed of the organisers, dollar signs in the eyes of the stallholders, aggressive and hateful music, a lack of toilet facilities, and a great shortage of guards, medical staff and security. The intense heat turns the former airbase into a post-apocalyptic orgy of loud music, rage, violence, rape and finally a total conflagration that flattens the whole area. The Day the Music Died
The documentary makes it abundantly clear how all precautions, responsibility, omens and common sense are ignored, while the organisers clean up their own act afterwards. Woodstock changed from a ‘love and peace’ festival into the opposite: an explosion of angry young people, who, with the help of alcohol, drugs and exciting music, went completely wild.

The documentary makes a deep impression because it reminds me so much of the times we live in now. The future is the third volcano – Furnas, the oven – in which everyone is cooked and all the brakes are off. Wars, forest fires, aggression, despair, another attack on Gaza, the war in Ukraine raging on, America and China heading for a world conflict, the rising prices of gas and oil, the food crisis, and so on. It is like Woodstock ’99, where everything comes together in a great explosion.

Fortunately, the reality of Furnas on Sao Miquel is very different. The closer we get to the third volcano, the more idyllic the landscape becomes. Hydrangeas, tropical palms, fairytale forests and majestic rocky coasts eventually lead to the centre of the volcano. The entire Furnas Valley is a huge volcanic crater that last erupted in 1630. The volcano is now dormant, but you can still feel it everywhere in the form of thermal baths, steam vents and hot springs. In an immense botanical garden, which is even more fairy-tale like than the road leading to it, there is a large oval-shaped pond with hot, red-brown water. In it and around it, people are enjoying the paradisiacal park. When we walk to the water and feel the temperature, we understand why it is called ‘Furnas’. The iron-rich water is around 40 degrees.

Once we float in the water between the primeval trees, we can only surrender to the heat. It is the ultimate yin experience; warm, sultry, abundant, and relaxing. It’s like lying in a gigantic vagina,’ says Stijn. Around us float two reddish-brown ducks. What a difference from Fogos, where we mainly experienced the unapproachability of the male energy.

We muse on what our journey through the Azores has taught us. The three volcanoes were the breadcrumbs on our path. From the music concert for the earth in Cete Cidades, to the fire volcano Fogos, to ending in the warm yoni of Furnas. Apparently, there is a choice: do we go down in the heat of the battle, fighting and blaming each other, or do we surrender to Mother Earth and let her warmth and nurturing presence envelop us? In short: do we choose for battle or surrender? and: is there still time to prevent a second Atlantis?

  • TO BE CONTINUED –


TON 46: De derde vulkaan

De avond voor we naar Furnas gaan, de derde vulkaan, kijk ik op Netflix naar een documentaire over Woodstock ’99. Dertig jaar na de originele versie van Woodstock, in 1969, wil de bedenker en initiatiefnemer Michael Lang, de glorie van weleer – van love, peace and music – opnieuw tot leven brengen. Hij gaat in zee met een financier die er wel brood in ziet, en langzaam tuigen ze het hele festival op: rock bands, een oude militaire hangar als locatie, standjes voor de verkoop van drankjes en souvenirs, etc. etc. Maar in de aanloop naar het festival, in de documentaire gelardeerd met interviews van de betrokkenen 20 jaar later, wordt duidelijk dat Woodstock ’99 een heel ander karakter krijgt dan Woodstock ’69. Het wordt getekend door naïviteit en hebzucht van de organisatoren, dollartekens in de ogen van de standhouders, agressieve en haatdragende muziek, een gebrek aan toiletfaciliteiten, en een groot tekort aan bewakers, medisch personeel en security. De intense hitte verandert de voormalige airbase tot een post-apocalyptische orgie van harde muziek, woede, geweld, verkrachting en uiteindelijk een totale vuurzee die het hele terrein platlegt. ‘The Day the music died…’
In de documentaire wordt overduidelijk hoe alle voorzorg, verantwoordelijkheid, voortekens en gezond verstand in de wind wordt geslagen, terwijl de organisatoren achteraf hun eigen straatje schoonvegen. Van een ‘love and peace’ festival is Woodstock verandert in het tegendeel: een explosie van boze jongeren, die met behulp van drank, drugs en opzwepende muziek helemaal losslaan.

De documentaire maakt diepe indruk omdat het me zo doet denken aan de tijd waarin we nu leven. De toekomst is de derde vulkaan – Furnas, de oven – waarin iedereen wordt gaargekookt en alle remmen losgaan. Oorlogen, bosbranden, agressie, wanhoop, een volgende aanval op Gaza, de oorlog in Oekraïne die voortwoedt, Amerika en China die afstevenen op een wereldconflict, de stijgende prijzen van gas en olie, de voedselcrisis, en ga zo maar door. Het lijkt op Woodstock ’99, waarin alles samenkomt tot een geweldige explosie. En niemand die het achteraf gedaan heeft.

De realiteit van Furnas op Sao Miquel is gelukkig heel anders. Hoe dichter we bij de derde vulkaan komen, hoe idyllischer het landschap wordt. Hortensia’s, tropische palmen, sprookjesachtige bossen, majestueuze rotskusten leiden uiteindelijk naar het midden van de vulkaan. De hele Furnas-vallei is een reusachtige vulkaankrater die in 1630 voor het laatst tot uitbarsting kwam. De vulkaan is nu slapende, maar je kunt hem nog overal voelen in de vorm van thermale baden, stoomgaten en warmwaterbronnen. In een immense botanische tuin, die nog sprookjesachtiger is dan de weg erheen, bevindt zich een grote ovaalvormige vijver met heet, roodbruin water. Erin en eromheen liggen mensen te genieten van het paradijselijke park. Als we naar het water lopen en de temperatuur voelen snappen we waarom het ‘Furnas’ heet. Het ijzerrijke water is rond de 40 graden.

Als we eenmaal tussen de oerbomen in het water drijven kunnen we ons alleen maar overgeven aan de hitte. Het is de ultieme yin-ervaring; warm, zwoel, overvloedig, en ontspannend. ‘Het is net alsof ik in een gigantische vagina lig,’ zegt Stijn. Om ons heen dobberen twee roodbruine eenden. Wat een verschil met Fogos, waar we vooral de ongenaakbaarheid van de mannelijke energie ervaarden.

We mijmeren over wat onze reis over de Azoren ons geleerd heeft. De drie vulkanen waren de broodkruimels op ons pad. Van het muziek concert voor de aarde in Cete Cidades, naar de vuurvulkaan Fogos, om te eindigen in de warme yoni van Furnas. Blijkbaar is er een keuze: gaan we ten onder in de hitte van de strijd, vechtend en elkaar beschuldigend, of geven we ons over aan Moeder Aarde en laten we ons omhullen door haar warmte en voedende aanwezigheid? Kortom: kiezen we voor strijd of overgave? en: Is er nog tijd om een tweede Atlantis te voorkomen?

  • WORDT VERVOLGD –